peulvruchten

Minder vlees eten: wat bereik je ermee?

Ben jij een echte carnivoor? Lees deze blog en verminder jouw vleesconsumptie in een paar simpele stappen. Beter voor je gezondheid én voor de planeet. Je hoeft geen wereldverbeteraar te zijn om minder vlees te willen eten. Alle beetjes helpen, zo werpt 2 dagen per week geen vlees eten al de nodige vruchten af.

Minder vlees eten is in trek

De tijd dat vegetariërs geassocieerd werden met smaakloze tofu en geitenwollen sokken is lang gepasseerd. Het bewijs hiervoor is dichterbij te vinden dan je denkt: in jouw eigen supermarkt. Kijk maar eens hoeveel vleesvervangende producten er in de schappen liggen. Vanaf 2017 is deze hoeveelheid gemiddeld met meer dan 30% toegenomen. Hoe dat kan? Voor een gedeelte heeft het te maken met ons geweten om de planeet een beetje beter te maken (minder vleesproductie betekent minder dierenleed en minder CO2-uitstoot), maar het is ook bewezen dat het goed voor je is om dat stukje vlees af en toe eens te laten staan.

Gezondheidsvoordelen van minder (rood en bewerkt) vlees

Vlees levert ons nuttige voedingsstoffen zoals eiwitten, B-vitamines en ijzer. Deze voedingsstoffen zijn essentieel voor onze gezondheid, maar om ze binnen te krijgen hebben we niet iedere dag een portie vlees nodig. Daarnaast wordt minder vlees eten, vooral rood en bewerkt vlees, sterk geassocieerd met een verminderd risico op darmkanker, diabetes type II en beroerte, zo blijkt uit wetenschappelijk onderzoek van de WHO (World Health Organisation). Het advies van het Voedingscentrum is dan ook om de vleesconsumptie te beperken naar maximaal 5 keer per week, waarvan maximaal 3 porties rood vlees. Onder rood vlees verstaan we bijvoorbeeld rundvlees, varkensvlees maar ook schapen- en geitenvlees. Met wit vlees bedoelen we gevogelte zoals kip of kalkoen.

Hoeveel vlees eet jij per week?

  • 1 plakje rookvlees (vleeswaar) = 10 gram
  • 1 plakje boterhamworst (vleeswaar) = 22 gram
  • 1 hamlap, gemiddeld = 70 gram
  • 1 gehaktbal, gemiddeld = 80 gram
  • 1 portie kipfilet, gemiddeld = 100 gram
  • 1 portie spareribs, gemiddeld = 200 gram

De gemiddelde volwassen Nederlander eet 590 gram vlees verdeeld over 6 dagen per week. Het Voedingscentrum adviseert wekelijks niet meer dan 500 gram vlees te eten. Door 5 dagen per week een portie van 100 gram bij de warme maaltijd te eten kom je al op deze grens. We hebben dan nog niet over vleeswaren gesproken. Wil je vleeswaren toch graag in je eetpatroon houden, maar niet boven de 500 gram vlees per week uit komen? Kies bij de warme maaltijd dan ook één keer per week voor vette vis en probeer wanneer je vlees eet de porties klein te houden (bijvoorbeeld 80 gram per portie). Een andere optie is het vervangen van je vlees door een plantaardig alternatief.

Welke vleesvervangers zijn er?

Vleesvervangers zijn te onderscheiden in de bewerkte en onbewerkte varianten. Bewerkte vleesvervangers zijn goed te herkennen omdat deze producten zo gemaakt worden om de smaak, geur, kleur en textuur van echt vlees zo veel mogelijk na te bootsen. Let bij deze producten goed op het etiket om te voorkomen dat je een product kiest dat veel zout en/of verzadigd vet bevat. Een volwaardige vleesvervanger bevat voldoende eiwitten, ijzer en vitamine B12.

Naast de bewerkte vleesvervangers die het vlees zo goed mogelijk proberen na te bootsen, zijn er ook onbewerkte (plantaardige) voedingsmiddelen te verkrijgen die vlees goed kunnen vervangen door de hoeveelheid eiwitten, vitamines en mineralen die ze bevatten. Denk hierbij aan:

  • Peulvruchten zoals linzen, bonen, kikkererwten of kapucijners
  • Een gekookt ei
  • Een extra handje ongezouten noten
Verwerk deze alternatieven voor vlees door bijvoorbeeld een eenpansgerecht als curry, chilli sin carne, een ovenschotel of een maaltijdsalade!

Om dagelijks voldoende voedingsstoffen, vitamines en mineralen binnen te krijgen is het belangrijk zo veel mogelijk te variëren. Wil je zeker weten dat jij een volwaardig eetpatroon hebt, of heb je extra tips of hulpmiddelen nodig? Maak dan een afspraak met één van onze diëtisten.


Waarom past een orthomoleculair voedingsadvies ook bij mij?

Voor veel mensen is de term ‘orthomoleculair’ nog onbekend, net als orthomoleculaire voeding. Een diëtist die een aanvullende opleiding orthomoleculaire voeding heeft gevolgd, kan deze kennis en aanpak inzetten om de gezondheid te verbeteren. Hoewel de basisprincipes van een orthomoleculair voedingspatroon voor een gedeelte overeenkomen met de Richtlijnen van de Gezondheidsraad, gelden er specifieke adviezen afgestemd op de persoon in kwestie. Maar wat betekent orthomoleculair nou eigenlijk? En voor wie kan een orthomoleculair voedingspatroon iets betekenen? In deze blog vertel ik erover!

De letterlijke vertaling van orthomoleculair is ‘juiste moleculen’. Het verwijst naar de verschillende stoffen die in ons lichaam en in voeding voorkomen. Geen enkele cel in ons lichaam kan functioneren zonder de juiste hoeveelheid voedingsstoffen. Het gaat hierbij om vitamines (zoals vitamine C en D), mineralen (zoals magnesium en zink), sporenelementen (zoals ijzer en jodium), vetzuren (zoals omega-3 vetzuren), eiwitten (zoals tryptofaan) en bio-actieve stoffen (zoals kruiden en prebiotica). Met een gezond en gevarieerd voedingspatroon krijgen we deze stoffen gewoon binnen.

Het lukt niet altijd om gezond en gevarieerd te eten, waardoor tekorten van voedingsstoffen kunnen ontstaan. Ook door onder andere medicatie, ziekte, (chronische) stress en zwangerschap kunnen de voorraden van voedingsstoffen eerder op raken waardoor het lichaamsproces verstoord raakt die deze stoffen nodig heeft. Die verstoring kan zorgen voor bijvoorbeeld hoofdpijn, vermoeidheid, spijsverteringsklachten en ontstekingen. Door uit te zoeken welk lichaamsproces verstoord is, kan gericht een behandeling worden gestart om dit proces terug in balans te brengen.

Orthomoleculaire voeding is altijd de basis van een behandeling, die met name uit groente, fruit, knollen, kruiden, noten, zaden en (plantaardige) eiwitbronnen zoals vis en peulvruchten bestaat. De voorkeur gaat uit naar biologische en zo veel mogelijk onbewerkte producten. Ook kan het inzetten van supplementen of probiotica zinvol zijn om een proces terug in balans te brengen. Wat ik belangrijk vind is om breder te kijken dan alleen voeding en mogelijke aanvullingen. Daarom verzamelen we relevante informatie over genetische aanleg, psychische invloeden en omgevingsinvloeden om de beste aanpak te kunnen kiezen. Uitgangspunt van een orthomoleculaire behandeling is het zelfgenezend vermogen van het lichaam. Mijn ervaring is dat deze benadering leidt tot positieve resultaten.

Een orthomoleculair voedingspatroon is voor iedereen geschikt, maar kan ook zeker helpen bij:

  • Spijsverteringsklachten (brandend maagzuur, prikkelbaar darmsyndroom, ziekte van Crohn)
  • Gewrichts- en ontsteking gerelateerde klachten (artrose, reumatoïde artritis, fibromyalgie)
  • Hormonale problemen (schildklieraandoeningen, menstruatieproblemen, slaapproblemen)
  • Hart- en vaatziekten (hoge bloeddruk, hoog cholesterol, aderverkalking)

Dus probeer je al gezond te eten, maar merk je nog geen verbetering van je klachten of aandoening? Dan kan een orthomoleculair voedingsadvies iets voor jou zijn! Vorige zomer heb ik de opleiding Orthomoleculaire Voedingsleer en Therapie afgerond dus ik help je graag! Ook als je geen klachten hebt maar gewoon nieuwsgierig bent.


Leefstijlblog: Hoe zorg je voor een gezonde thuisomgeving?

De coronacrisis daagt ons op allerlei vlakken uit in ons dagelijks leven. We worden geadviseerd zo veel mogelijk thuis te blijven. Wanneer we toch naar buiten gaan lopen we met een boog van 1,5 meter om onze voorbijgangers heen. Ook als je niet besmet bent met het virus word je erdoor geraakt, omdat het ritme in ons dagelijks leven drastisch verandert. Waar je eerst een half uur moest fietsen om op school of op het werk te komen, slaap je nu langer uit omdat je thuis kunt blijven. En omdat je iedere dag thuis zit lijkt het nu elke avond wel weekend! Ook je eetritme wordt door het thuiswerken beinvloed. Grote kans dat je vaker in de verleiding komt om iets lekkers te pakken.

"Hoe zorg je ervoor dat je de verleidingen in de thuisomgeving te slim af bent? In deze blog geef ik 6 tips voor een gezonde thuisomgeving tijdens de coronacrisis."

  1. Koop alleen boodschappen wanneer je een volle maag hebt. Zo kom je minder in de verleiding om voor de ongezondere snacks te gaan. En als je toch naar de supermarkt gaat, loop dan (met de gepaste 1,5 meter afstand) meteen een extra blokje om!
  2. Stop een regenboog aan groenten en fruit in de fruitmand en zet deze op een prominente plek in je woonruimte neer. Hoe meer kleuren je in je fruitmand hebt liggen, hoe verleidelijker het wordt om er iets uit te pakken. 
  3. Sta om dezelfde tijden op als je voor de crisis gewend was te doen en ga op dezelfde tijden naar bed. Je biologische klok heeft hier baat bij en dit zal positieve effecten hebben op je mentale welbevinden.
  4. Drink voldoende (alcoholvrij)! Naar je werk neem je normaalgesproken misschien wel een flesje water mee. Thuis kun je in plaats hiervan bijvoorbeeld een kan water op tafel zetten en bij ieder eetmoment of tussendoortje een glas voor jezelf inschenken. Tip: snijd plakjes citroen, limoen en sinaasappel en voeg dit samen met een paar takjes munt en wat ijsblokjes toe aan de kan met water.
  5. Een goed begin is het halve werk. Verdeel de maaltijden over de dag, maak desnoods je maaltijden van tevoren klaar zodat je ze alleen nog maar hoeft te pakken wanneer je trek krijgt. Een grote valkuil is dat je in je thuisomgeving te lang wacht met eten, waardoorje pas bij grote trek naar ongezondere producten grijpt. Vind je het toch lastig om je hieraan te houden? Stel een alarm in op je telefoon om jezelf een extra herinnering te geven.
  6. Heb je tijd over in je middagpauze? Lunch met een zelfgemaakte soep of een zelfgemaakte lunchsalade! Zo kom je gemakkelijk aan 250 gram groenten per dag. Je zou deze gerechten ook in het weekend vast klaar kunnen maken, dan houd je extra tijd over voor een lunchwandeling in de zon. ;-)